Samenvatting
Doel
Aanpak
Resultaat
Leerpatronen
In de jaren ’60 kwam de gemeente Amsterdam met het ambitieuze plan om in het gebied de Bijlmermeer een nieuwe woonwijk te creëren met een strikte scheiding tussen wonen en werken. Er werden kwaliteitsafspraken gemaakt over de bouw en inrichting met veel ruimte voor groen en recreëren.
De Amsterdamse Dienst Stadsontwikkeling ontwikkelde in de jaren ’70 hoogbouw van tien verdiepingen in een kenmerkende zeskantige honingraatstructuur en veel groen. De gemeente werd geïnspireerd door de functionele stad-ideeën van de CIAM en de Zwitserse architect Le Corbusier, met een strikte scheiding tussen wonen, werken en recreëren. Onderdeel van die filosofie is ook de scheiding van auto-, fiets- en voetgangersverkeer, die in de oorspronkelijke planologie van de Bijlmermeer strikt uitgewerkt was.
Op 25 november 1968 deed de eerste bewoner van het Bijlmermeer intrek in flat Hoogoord. De Bijlmermeer werd landelijk bekend vanwege sociale problemen. Een deel van de kwalitatieve uitgangspunten konden niet worden gerealiseerd door bezuinigingen. Doordat het voorzieningenniveau in de wijk achterbleef bij de gewekte verwachtingen ten tijde van de bouw en doordat de moderne, ruime flats moesten concurreren met nieuwe eengezinswoningen elders in de regio, bleven de Amsterdamse gezinnen waarvoor de wijk gebouwd was weg. In plaats daarvan concentreerden zich grote groepen kansarmen in de wijk, wat resulteerde in een wijk met voornamelijk sociale huur (eerst 90% en nu nog 77%) en weinig diversiteit. Onder deze groep waren veel immigranten uit de in 1975 onafhankelijk geworden kolonie Suriname en later deden ook Ghanezen en Antillianen hun intrek. In 1984 heeft burgermeester van Thijn besloten om het centrum van Amsterdam schoon te spuiten en de grote groep junks van de Zeedijk te verjagen. Deze groep trok naar de overdekte plaatsen en parkeergarages in de Bijlmer. Dit alles had tot gevolg dat bepaalde plekken in de Bijlmermeer werden geplaagd door criminaliteit, verloedering en drugsoverlast. Ook was er aanzienlijke werkloosheid. Een ander geluid is uiteraard dat er veel mensen met plezier in de Bijlmermeer wonen en werken. De smeltkroes heeft ook geleid tot een enorme diversiteit aan open en vriendelijke mensen die letterlijk een nieuwe samenleving creëren. In de jaren negentig werd een grootscheepse vernieuwingsoperatie in gang gezet die inmiddels een heel eind gevorderd is. Een groot gedeelte van de hoogbouw is gesloopt en vervangen door kleinschaliger woningen, waaronder veel huisvesting in de koopsector. De resterende flats worden grondig gerenoveerd. Daarnaast zijn veel van de oorspronkelijk verhoogde wegen (de ‘dreven’) vervangen door wegen op het maaiveld, door afgraving van de dijken en de sloop van de viaducten. De meeste parkeergarages uit de oorspronkelijke opzet zijn daarbij ook afgebroken. De vernieuwing moet leiden tot een minder eenzijdige bevolkingssamenstelling en een prettiger woonomgeving. Ook het uit de jaren tachtig daterende winkelcentrum Amsterdamse Poort. Amsterdamse Poort is in 2000 geheel gerenoveerd. Het stadsdeel heeft in 2006 een nieuw kantoor betrokken aan het Anton de Komplein.
In de jaren ’60 kwam de gemeente Amsterdam met het ambitieuze plan om in het gebied de Bijlmermeer een nieuwe woonwijk te creëren met een strikte scheiding tussen wonen en werken. Bewoners aantrekken was lastig vanwege de slechte reputatie die de Bijlmer kreeg, het achterblijven van het voorzieningenniveau in de wijk en de concurrentie van eengezinswoningen elders in de regio, waardoor Amsterdamse gezinnen wegbleven.
Reacties (0)